Veranderingen in religieus Nederland
Enige decennia geleden was het lidmaatschap van een christelijke kerk in Nederland nog meer regel dan uitzondering. Die tijd is voorbij. De kerkgang op zondag is vervangen door familiebezoek, vrijetijdsbesteding buitenshuis of ontspanning binnenshuis. Mensen bezoeken soms wel graag een kerkgebouw, maar willen niet vast zitten aan een eredienst of beperkte openingstijden. Onderzoeken van het Sociaal Cultureel Planbureau en KASKI geven duidelijk inzicht in de veranderde houding tegenover kerk en religie. Naast het christendom is de islam een factor van betekenis geworden, evenals de vele christelijke migrantenkerken. Daarnaast is een grote groep mensen ongebonden religieus of spiritueel geïnteresseerd. Twee op de drie Nederlanders beschouwt zich als buitenkerkelijk, voor jongeren geldt dat voor drie op de vier.
Kaalslag van 'overtollige' kerkgebouwen
De grote christelijke kerkgemeenschappen maken de balans op en zijn bezig met een drastische inkrimping van het gebouwenbestand. Plaatselijke kerkgemeentes en parochiebesturen maken eigen afwegingen welke gebouwen men wil handhaven en welke zullen worden verkocht. De opbrengst uit de verkoop van de gebouwen wordt vaak gebruikt om tekorten in de begroting voor andere gebouwen aan te vullen. Helaas ziet men het nog niet overal als taak om een goede toekomst te garanderen voor het gebouwde religieus erfgoed. Het gevolg is dat er op dit moment een dramatische kaalslag van cultureel erfgoed plaatsvindt.
Sloopplannen leiden tot conflicten
Verkoop en de wens tot sloop van een kerkgebouw leiden vrijwel overal tot conflicten. In de kerkgemeenschap zelf, en met partijen die het kerkgebouw graag in stand willen houden, zoals erfgoedorganisaties of buurtbewoners. Het publiek realiseert zich vaak pas wat er aan de hand is als een plan tot sloop van een kerkgebouw naar buiten wordt gebracht. Dan zijn er echter vaak al de nodige afspraken gemaakt tussen kerkbestuur en projectontwikkelaar. Dankzij een tijdige, bewuste keuze voor het behoud van een kerkgebouw kunnen veel problemen worden voorkomen, en kan ruimte ontstaan voor een mooie nieuwe oplossing voor het behoud. Soms moet zo'n oplossing nu helaas nog worden afgedwongen door dwarsliggende omwonenden of een monumentenstatus.
Bestuurders houden zich afzijdig, scheiding Kerk - Staat
Overheden houden zich vaak afzijdig van het vraagstuk kerkgebouwen, weten er weinig raad mee. Menen dat men vanwege de scheiding tussen kerk en staat ook niets met de problematiek rond de gebouwen te maken heeft. Deze scheiding is echter bedoeld om religie en politiek uit elkaar te houden, niet politiek en kerkgebouwen.
Subsidie voor een gebouw wordt vaak enkel verleend als er sprake is van een monumentenstatus, terwijl er vanuit een algemeen maatschappelijk belang wel degelijk ook bepaalde financiering mogelijk is.
Bij religieuze organisaties ontbreekt het soms aan een heldere scheiding tussen de financiering van religieuze en meer algemeen maatschappelijke activiteiten. Dit kan een hindernis opwerpen voor financiële steun vanuit overheid of maatschappij.